Ga naar de hoofdinhoud
Praxikon
Alle antwoorden

Direct antwoord

Welke verplichtingen heeft de gebruiksverantwoordelijke en de aanbieder van een AI-systeem onder artikel 111 lid 2 van de AI Act?

Uw vraag gaat over Artikel 111 lid 2: bestaande hoog-risico systemen en de datum 2 augustus 2030. Die verplichting geldt nu. Of uw systeem er werkelijk onder valt, hangt af van voorwaarden die u zelf toetst.

Dit stelt u zelf vast

  • De overgangsregel laat de toepassing van artikel 5 onverlet, zoals bedoeld in artikel 113, derde alinea, punt a). Een verboden praktijk blijft verboden, ongeacht wanneer het systeem in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld en ongeacht of het ontwerp is gewijzigd.
  • De overgangsregel gaat over de hoog-risico eisen van hoofdstuk III en is geen vrijstelling van de hele verordening. Artikel 4 geldt sinds 2 februari 2025 los van de datum waarop een systeem in de handel kwam, en artikel 50 geldt sinds 2 augustus 2026 voor alle systemen in scope. Het door de Digital Omnibus toegevoegde lid 4 bevestigt dat: het geeft bestaande generatieve systemen juist een korte extra termijn voor artikel 50, lid 2, en dat zou zinloos zijn als artikel 50 niet op hen zou werken.
  • Van toepassing op operatoren van hoog-risico AI-systemen die in de handel zijn gebracht of in gebruik zijn gesteld voor de in artikel 113 vermelde toepassingsdatum voor hoofdstuk III, met uitzondering van de in lid 1 bedoelde systemen die component zijn van de grootschalige IT-systemen uit bijlage X. Die datum is 2 december 2027 voor systemen die op grond van artikel 6, lid 2, en bijlage III hoog risico zijn, en 2 augustus 2028 voor systemen die dat op grond van artikel 6, lid 1, en bijlage I zijn. Voor die groep werken de hoog-risico eisen pas door zodra de systemen vanaf die datum aanzienlijke wijzigingen in hun ontwerp ondergaan.
  • De respijtperiode geldt per type en model, niet per eenheid. Is ten minste een individuele eenheid van het type en model voor de peildatum rechtmatig in de handel gebracht of in gebruik gesteld, dan vallen andere eenheden van hetzelfde type en model daar ook onder en mogen zij zonder aanvullende verplichtingen, vereisten of aanvullende certificering worden aangeboden, zolang het ontwerp ongewijzigd blijft. Beslissend is de datum waarop de eerste eenheid van dat type en model in de Unie in de handel is gebracht of in gebruik is gesteld.
  • Onafhankelijk daarvan van toepassing op aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van hoog-risico AI-systemen die bedoeld zijn om door overheidsinstanties te worden gebruikt. Zij moeten in ieder geval de nodige stappen ondernemen om uiterlijk op 2 augustus 2030 aan de eisen en verplichtingen van de verordening te voldoen, ook als het ontwerp ongewijzigd blijft.
  • Systemen die component zijn van de bij de in bijlage X vermelde rechtshandelingen opgezette grootschalige IT-systemen vallen niet onder lid 2 maar onder lid 1. Lid 1 is door de Digital Omnibus niet gewijzigd en houdt een eigen peildatum aan: in de handel gebracht of in gebruik gesteld voor 2 augustus 2027, met naleving uiterlijk 31 december 2030.

Eerste stap: Beoordeel voor elke ontwerpwijziging of zij aanzienlijk is.

Artikel 111 lid 2 van de AI Act gaat over bestaande hoog-risico systemen en de datum 2 augustus 2030. Hoog-risico AI-systemen die in de handel waren of in gebruik waren gesteld voor de toepassingsdatum van hoofdstuk III, sinds de Digital Omnibus 2 december 2027 voor bijlage III-systemen en 2 augustus 2028 voor bijlage I-systemen, vallen pas onder de hoog-risico eisen van dat hoofdstuk zodra hun ontwerp vanaf die datum aanzienlijk wijzigt. Dat is geen vrijstelling van de hele verordening: artikel 4 en artikel 50 lopen gewoon door. Voor systemen die bedoeld zijn om door overheidsinstanties te worden gebruikt vervalt het voorbehoud helemaal: aanbieders en gebruiksverantwoordelijken daarvan moeten hoe dan ook uiterlijk 2 augustus 2030 aan de eisen en verplichtingen voldoen. De plicht ligt bij de gebruiksverantwoordelijke en de aanbieder van een AI-systeem. Deze verplichting geldt sinds 2 augustus 2030.

De conclusie en uw eerste stappen

Dit geldt nu

Uw eerste acties

  1. Beoordeel voor elke ontwerpwijziging of zij aanzienlijk is. Leg in uw wijzigings- en releaseproces een moment vast waarop iemand beoordeelt en opschrijft of een voorgenomen wijziging van een bestaand hoog-risico systeem een aanzienlijke wijziging in het ontwerp is, voordat de wijziging in productie gaat.
Lees de officiële bronGecontroleerd op

Algemene duiding, geen juridisch advies. Getoetst aan Verordening (EU) 2024/1689 en de Digital Omnibus (EU) 2026/1744; de officiële bron blijft leidend.

Volledige kaart voor uw situatie

Bron en vindplaats

Elke uitspraak hierboven steunt op deze teksten. De vindplaats wijst de plek in de tekst aan, de versie en de datum zeggen welke uitgave is gecontroleerd.

  • Digital Omnibus over AI 2026/1744

    Europees Parlement en Raad, versie official-journal-2026-07-24, gecontroleerd op , ELI http://data.europa.eu/eli/reg/2026/1744/oj

    Vindplaatsen in deze bron

    • Gewijzigd artikel 111, lid 2
    • Gewijzigd artikel 113, toepassingsdata
    • Nieuw artikel 111, lid 4
    • Overweging 39 van Verordening (EU) 2026/1744

Dataset praxikon:sys:registry:dataset:ai-act-implementation-graph 2.2.0, schema 1.5.0.

Uitvoering

Leg rol en classificatie per AI-systeem vast

De grens staat in de regels hierboven. De uitkomst wordt aantoonbaar wanneer u per systeem de feiten, rol, classificatie, eigenaar en herbeoordeling vastlegt. Embed AI begeleidt die inventarisatie en richt het AI-register in. De bronduiding hierboven staat los van deze commerciële verwijzing van Praxikon naar een gelieerd merk.

Bekijk de AI-registeraanpak
Beantwoordt dit uw vraag?
Zahed Ashkara, jurist en freelance AI & Privacy Consultant

Achter deze pagina

Zahed Ashkara

Freelance AI & Privacy Consultant, jurist