Direct antwoord
Wat regelt artikel 99, 100 en 101 van de AI Act over de boetestructuur per verplichting?
Uw vraag gaat over Artikel 99, 100 en 101: de boetestructuur per verplichting. Die verplichting geldt nu. Of uw systeem er werkelijk onder valt, hangt af van voorwaarden die u zelf toetst.
Dit stelt u zelf vast
- Relevant zodra u operator bent in de zin van de verordening, dus aanbieder, productfabrikant, gebruiksverantwoordelijke, gemachtigde, importeur of distributeur, en een van de bepalingen raakt die in artikel 99 lid 3, lid 4 of lid 5 worden genoemd. Het regime van artikel 101 is daarnaast relevant wanneer u aanbieder bent van een AI-model voor algemene doeleinden, want daar beboet de Commissie zelf. Valt u onder de bevoegdheid van het AI-bureau op grond van artikel 75 lid 1, dan komt artikel 75 quater erbij.
- Lid 6 keert de rekenwijze om voor kmo's, met inbegrip van start-ups: voor hen geldt het laagste van het percentage en het bedrag, waar het voor andere ondernemingen juist het hoogste van beide is, en dat geldt voor elke in artikel 99 bedoelde boete. Het ingevoegde lid 6 bis doet hetzelfde voor kleine midcapondernemingen, maar uitdrukkelijk alleen voor de leden 4 en 5, zodat de band van artikel 5 voor hen niet wordt omgekeerd. Lid 8 laat aan elke lidstaat over in hoeverre administratieve geldboeten kunnen worden opgelegd aan in die lidstaat gevestigde overheidsinstanties of -organen, zodat het plafond voor een publieke organisatie niet uit de verordening volgt. Lid 9 laat toe dat de boete in sommige lidstaten door de bevoegde nationale rechter of door andere organen wordt opgelegd en niet door de autoriteit.
Eerste stap: Wijs per verplichting het boeteplafond aan dat erbij hoort.
Artikel 99, 100 en 101 van de AI Act gaat over de boetestructuur per verplichting. De verordening kent geen enkel boetebedrag. Voor operatoren hangen drie plafonds aan verschillende bepalingen van artikel 99, daarnaast beboet de Commissie zelf aanbieders van AI-modellen voor algemene doeleinden op grond van artikel 101, kan het AI-bureau sinds de wijziging van 2026 zelf beboeten, en gelden voor instellingen en organen van de Unie de eigen bedragen van artikel 100. Welk plafond geldt, hangt af van welke bepaling is geschonden en wie handhaaft, en niet van hoe ernstig de gevolgen zijn. Deze bepaling gaat over de gemachtigde, de gebruiksverantwoordelijke, de distributeur, de aanbieder van een GPAI-model, de importeur en de aanbieder van een AI-systeem. Deze bepaling geldt nu.
Dit geldt nu
Uw eerste acties
- Wijs per verplichting het boeteplafond aan dat erbij hoort. Loop uw verplichtingenregister af en zet per regel welk plafond geldt: artikel 99 lid 3 voor artikel 5, artikel 99 lid 4 voor de daarin genoemde rolplichten, artikel 25, leden 2 en 4, en artikel 50, artikel 99 lid 5 voor het beantwoorden van informatieverzoeken, en anders het nationale sanctiestelsel op grond van artikel 99 lid 1. Voeg het artikel 101-regime toe waar u zelf een AI-model voor algemene doeleinden aanbiedt, en het regime van artikel 75 quater waar het AI-bureau bevoegd is.
Leg dit vast
- Register van boeteplafonds per verplichting
Algemene duiding, geen juridisch advies. Getoetst aan Verordening (EU) 2024/1689 en de Digital Omnibus (EU) 2026/1744; de officiële bron blijft leidend.
Volledige kaart voor uw situatie