Direct antwoord
Welke verplichtingen heeft de aanbieder van een AI-systeem onder artikel 75 van de AI Act?
Uw vraag gaat over Artikel 75: markttoezicht, wederzijdse bijstand en de bevoegdheden van het AI-bureau. Die verplichting geldt nu. Of uw systeem er werkelijk onder valt, hangt af van voorwaarden die u zelf toetst.
Dit stelt u zelf vast
- Van toepassing op AI-systemen die gebaseerd zijn op een AI-model voor algemene doeleinden wanneer het model en het systeem door dezelfde aanbieder zijn ontwikkeld of door aanbieders die deel uitmaken van dezelfde onderneming, en op AI-systemen die een overeenkomstig Verordening (EU) 2022/2065 aangewezen zeer groot onlineplatform of zeer grote onlinezoekmachine vormen of daarin zijn geintegreerd. De exclusieve bevoegdheid geldt voor de aanbieders van die systemen, en voor gebruiksverantwoordelijken alleen wanneer zij ook de aanbieder zijn of deel uitmaken van dezelfde onderneming als de aanbieder.
- De bevoegdheidsverdeling zelf werkt sinds 2 augustus 2026, want artikel 75 staat in hoofdstuk IX. Zij ziet op de verplichtingen die op dat moment gelden, zoals het verbod van artikel 5, de transparantieplichten van artikel 50 en de verplichtingen voor AI-modellen voor algemene doeleinden. De twee letterlijke plichten die de wijzigingsverordening op de aanbieder legt, de meldroute van lid 1 bis en de vergoedingen van lid 1 sexies, hangen aan de hoedanigheid van hoog risico en volgen daarom 2 december 2027; die staan in het aparte object article-75-ai-office-high-risk-duties.
- Lid 1, punt a, zondert vier groepen uit van de exclusieve bevoegdheid van het AI-bureau: AI-systemen die verband houden met producten onder de harmonisatiewetgeving van bijlage I, systemen bedoeld in bijlage III, punt 2, systemen die worden aangeboden door rechtshandhavingsinstanties, grensbeheerautoriteiten en financiele instellingen voor zover zij onder artikel 74, lid 6, vallen, en systemen bedoeld in bijlage III, punt 8, wat betreft de rechtsbedeling. Wie dan wel bevoegd is verschilt per groep en is niet steeds "de markttoezichtautoriteit": voor financiele instellingen is dat op grond van artikel 74, lid 6, de nationale autoriteit die verantwoordelijk is voor het financiele toezicht, en voor rechtshandhaving, grensbeheer en de rechtsbedeling wijst de lidstaat op grond van artikel 74, lid 8, hetzij de toezichthoudende autoriteit voor gegevensbescherming aan hetzij een andere autoriteit onder dezelfde voorwaarden. Welke instantie dat per lidstaat is, staat niet in de verordening.
Eerste stap: Stel per systeem vast wie uw toezichthouder is.
Artikel 75 van de AI Act gaat over markttoezicht, wederzijdse bijstand en de bevoegdheden van het AI-bureau. Voor een afgebakende groep AI-systemen is het AI-bureau exclusief bevoegd voor toezicht en handhaving in plaats van de nationale markttoezichtautoriteit. Het bureau kan informatie vorderen bij eenvoudig verzoek of bij besluit, onderzoeken openen, inspecties op afstand en ter plaatse uitvoeren, toezeggingen bindend verklaren, en zowel geldboeten via artikel 99 als dwangsommen opleggen. Vier groepen zijn uitgezonderd; daar blijft een nationale autoriteit bevoegd. De plicht ligt bij de aanbieder van een AI-systeem. Deze verplichting geldt sinds 2 augustus 2026.
Dit geldt nu
Uw eerste acties
- Stel per systeem vast wie uw toezichthouder is. Beoordeel per AI-systeem of het onder de exclusieve bevoegdheid van het AI-bureau valt of onder een nationale autoriteit, leg de uitkomst met onderbouwing vast, en bepaal welke uitzondering van lid 1 eventueel geldt en welk loket daaruit volgt.
Leg dit vast
- Vastlegging van de bevoegde toezichthouder per systeem
Algemene duiding, geen juridisch advies. Getoetst aan Verordening (EU) 2024/1689 en de Digital Omnibus (EU) 2026/1744; de officiële bron blijft leidend.
Volledige kaart voor uw situatie