Ga naar de hoofdinhoud
Praxikon

Uitspraak

Raad van State bevestigt AP-boete van 6.000 euro voor recruitmentbedrijf

Datum
Status
definitief
Instantie
Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak
Kenmerk
ECLI:NL:RVS:2024:2221, zaaknr. 202401169/1/A3 (bevestigt ECLI:NL:RBAMS:2024:1214)
Bedrag
€ 6.000

Waar het over gaat

De Afdeling toetst de boete aan het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel, mede gelet op artikel 83, eerste lid, AVG, en vindt 6.000 euro niet onevenredig. De AP had de basisboete van 310.000 euro al fors gematigd. Het bedrijf volgde de eigen instructies uit zijn AVG-handleiding feitelijk niet goed op en gaf geen gevolg aan herhaalde verwijderverzoeken van betrokkenen (artikel 17, eerste lid, jo. artikel 12, derde lid, AVG). Dat de AP in de praktijk zeer uiteenlopende boetes oplegt, maakt deze boete niet onevenredig. De uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 15 januari 2024 wordt bevestigd.

Wat dit betekent voor de praktijk

De hoogste bestuursrechter accepteert dat de AP fors naar beneden afwijkt van de boetebeleidsregels als de omstandigheden dat vragen, zonder dat de boete daardoor willekeurig wordt. Verwijzen naar andere zaken helpt weinig; de rechter kijkt naar uw eigen verwijtbaarheid. Zorg dat uw AVG-handleiding werkelijk wordt gevolgd, want alleen het bestaan ervan is geen verweer.

De AVG-artikelen waar het om gaat

Bron: Rechtspraak.nlgecontroleerd op 15 september 2026

Samenvatting en praktijkduiding door Praxikon. Geen juridisch advies; de bron gaat voor.

Samenhang

Wat samenhangt met deze ontwikkeling

Rechtspraak

Richtsnoeren

Handhaving en boetes

Wetgeving in beweging